Elke baardolie bestaat uit twee soorten oliën: een draagolie en, in veel gevallen, een kleine hoeveelheid etherische olie of geurstof. Het verschil tussen die twee bepaalt hoe veilig en hoe aangenaam een baardolie is. Wie het snapt, leest een ingrediëntenlijst met andere ogen.
Wat een draagolie is
De draagolie vormt het grootste deel van de fles, doorgaans meer dan negentig procent. Het zijn plantaardige oliën zoals jojoba, babassu, argan of amandel, gewonnen uit noten, pitten of zaden. Ze verzorgen de huid en het haar en zijn mild genoeg om puur op de huid te gebruiken. De draagolie doet het eigenlijke werk. Ze bepaalt hoe licht de olie aanvoelt, hoe snel ze intrekt en wat je huid ermee doet.
Wat een etherische olie is
Etherische oliën zijn sterk geconcentreerde plantextracten, gewonnen door distillatie, die vooral voor geur en soms voor hun eigenschappen worden toegevoegd. Ze zijn zo krachtig dat ze puur op de huid irritatie of gevoeligheid kunnen veroorzaken. Daarom worden ze altijd sterk verdund in een draagolie. In de dermatologische literatuur gelden voor leave-on producten op de huid doorgaans lage concentraties, in de orde van enkele procenten. Meer is niet beter: het verhoogt vooral het risico op irritatie.
Waarom de verhouding telt
Een goede baardolie is dus geen mengsel van gelijke delen, maar een draagolie met een zorgvuldig gedoseerde geurcomponent. Die dosering is een vakkundige keuze, geen bijzaak. Te veel geurstof maakt een olie niet luxueuzer, alleen agressiever voor de huid. Bij de ontwikkeling van onze baardolie vertrekt alles daarom vanuit de draagolie, en pas daarna komt de geur, in de kleinste hoeveelheid die volstaat. Wil je weten waarom die draagolie er zoveel toe doet, lees dan babassuolie, de basis van onze baardolie.
De draagolie doet het werk. De geur is een accent, geen hoofdrol.